|
Balkcijnzen
Alle huizen in het
hier besproken deel (perceel nrs. 13, 15, 16, 19, 21 en 25) waren belast met een zogenoemde
balkcijns, te betalen aan het
dorp van Veghel. Balkcijnzen kwamen voort uit de omslag van de
cijns voor de gemeint in 1310 en een al eerder gekregen recht
van weerschap. Na 1310 versteende deze omslag, er waren geen
wijzingingen meer. De genoemde huizen stonden er dus al in 1310.
Een
cijns aan Helmond
Op onder andere Akert,
perceel nr. 24 en 25 rustten eertijds cijnzen te betalen aan de
heer van Helmond. Dergelijke cijnzen wderden opgelegd op
percelen die in de periode 1190-1314 van de wildernis gekocht
zijn. Voor meer recente aankopen werd een cijns betaald aan de
hertog van Brabant. In de administratie van de heer van Helmond
vanaf de zestiende eeuw heeft deze cijns nummers Hm-93, Hm-95 en
Hm-98.
Deze cijnzen komen voor uit vier cijnzen uit de
vijftiende eeuw:
1 en 2. Hm-124 en Hm-125 (oude
nummering) gaan over in Hm-93 (nieuwe nummering). Deze oude
cijnzen zijn verder niet opgesplitst in zijn de directe
voorgangers van Hm-93.
3. Hm-126 (oud) werd volgens een
beschrijving uit 1406 betaald uit de Dieperrijt. In 1436 werd
deze cijns in twee helften gesplitst. Hm-126.1 komt aan het
einde van de vijftiende eeuw in dezelfde handen als Hm-124 en
Hm-125 (oude nummers), en is later verbonden aan onder andere
Akert perceel nrs. 24 en 25. Het andere deel Hm-126.2 gaat over
in Hm-62 (nieuwe nunmers) en wordt later betaald uit de Dieprijt op
de Heuvel. Gezien de vermelding van Dieperrijt in 1406 is het
duidelijk dat deze cijns oorspronkelijk helemaal op de Heuvel
thuis hoort, en dat een deel pas later aan onder andere Akert
nr. 24 en 25 verbonden raakte.
4.
Hm-119 (oud) werd volgens
een beschrijving betaald uit Heze-ecker. Deze cijns werd in 1434
in twee delen gesplitst. Hm-119.1 gaat over in Hm-24 (nieuwe
nummers) was verbonden aan Heemberg nr. 4. Hm-119.2 was
verbonden aan het bezitcomplex dat in de zeventiende eeuw van
heer Jan van de Velde was, en kan worden gelokaliseerd op
Heemberg nr. 3.
Van
de vier oudere cijnzen houden we er dus twee over die we met
onder ander Akert nr. 24 en 25 in verband brengen: Hm-124 en
Hm-125 (oude nummering).
Hm-124 betreft een cijns van 2
1/2 nieuwe penningen en 1 nieuwe oort (1 oort was 1/4 penning).
Hm-125 bestaat uit twee delen;
Hm-125.2: een cijns van 2 1/2 nieuwe penningen en 1 nieuwe oort
en Hm-125.1: een cijns van 3 1/2 oude penningen en 3 nieuwe oort.
De bedragen van Hm-124 en Hm-125.2 zijn hetzelfde, wellicht zijn
het twee helften van een oudere cijns van 5 1/2 nieuwe
penningen die al voor 1406 opgesplitst werd. De vijtiende eeuwse
cijnsbetalers waren:
|
Hm-124 |
1406 |
Mechtildis, dochter van Johannes Stempels |
|
|
1406 |
Johannes,
natuurlijke zoon van Gerlacus Knoden, en Gertruda,
natuurlijke dochter van Gerardus de Vriese (Frisonis) |
|
|
1406-1421 |
Aleydis, dochter van
Arnoldus van den Hove (de Atrio) |
|
Hm-125.1 |
Voor 1406 |
De kinderen van
Elizabeth van Middegael |
|
|
1406 |
Het kind van
Heilwigis, dochter van Elizabeth van Middegael |
|
|
1421-1447 |
Aleydis, dochter van
Arnoldus van den Hove (de Atrio) |
|
Hm-125.2 |
Voor 1406 |
De kinderen van
Elizabeth van Middegael |
|
|
1406 |
Gertrudis, dochter
van Johannes Wilde |
|
|
1433 |
Aleydis, dochter van
Arnoldus van den Hove (de Atrio) |
|
Hm-124 en Hm-125 |
1447-1465 |
Aleydis, dochter van
Arnoldus van den Hove (de Atrio) |
|
|
1465-1498 |
Arnoldus, zoon van
Egidius, zoon van Gerlacus, zoon van Lambertus |
|
|
1465-1498 |
Johannes van Lit,
spelmecker te Den Bosch (de Busco) |
|
|
1498-1507 |
Gudela, weduwe van
Johannes van Lit, spelmecker te Den Bosch |
|
|
1498-1507 |
Johannes, zoon van
Mercelius van Ekart, schoonzoon van Johannes van Lit |
|
|
Na 1507 |
De 5 kinderen van
Johannes, zoon van Mercelius van Ekart |
|
|
Na 1507 |
Mabelia, dochter van
Johannes, zoon van Mercelius van Ekart |
De
cijnzen (Hm-93 (nieuw), Hm-95 (nieuw) en Hm-98 (nieuw) waren in
het midden van de zeventiende eeuw verbonden aan het complex
goederen van heer Jan van de Velden en na hem heer David van de
Velden, rentmeester van de Staten van Brabant, het ging om een
twintigtal percelen.
Het complex goederen werd gekcoht
door Aelken, weduwe van Jan Dirck Martens en Teunis Hendrick
Lamberts, die deze goederen op 3-11-1699 onderling verdeelden.
Toen werd ook afgesproken om de cijns aan Helmond en nog enkele
andere lasten onderling half-om-half te verdelen. Op dat moment
ging het verband tussen deze cijnzen en de oorspronkelijk
uitgegeven eprcelen, als dat toen nog bestond, zeker verloren.
De twee delen
werden in de achttiende verder verdeeld, waarbij de halve
cijnzen steeds verbonden bleven aan het de bezittingen waartoe
ook de betreffende huizen behoorden. De bronnen vermelden
duidelijk dat de cijnzen niet op de huizen rustten, maar steeds
op het hele complex bezittingen plus de huizen. In onderstaande
tabel is het verloop van die ontwikkeling weergegeven. De hele
cijns is rood gearceerd, en de twee helften groen en blauw.
|
Vóór 3-11-1699 |
Deling op 3-11-1699
|
Deling op 22-10-1727 |
Deling op 5-1-1760 |
Percelen |
|
Heer Jan van de Velden, later de kinderen en erfgenamen van heer David van de Velde
(Hele cijns) |
Aelken, weduwe van Jan Dirck Martens
(Halve cijns)
|
Jan Peters van de Wiel |
Jan Rutten Burgers |
Akert 25 (Huis) |
|
Eeusels 1 |
|
Peter Janse van de Wiel |
Huigenbos 13+14 |
|
De weduwe van Lambert Tunissen |
|
Eeusels 12 |
|
|
Akert 1a |
|
|
Heemberg 3 |
|
Hendrick Willem Peters van Lanckveld |
|
Oirbeemd 1 |
|
Jasper Aerts van de Velde |
|
Ronde bult 17 |
|
|
Appelenweert 2b |
|
Deling op 3-11-1699 |
Deling op 18-11-1713 |
Deling op 16-12-1733 |
Percelen |
|
Teunis Hendrick Lamberts
(Halve cijns)
|
Lambert Theunis Henrick Lamberts |
Marten Lambers van Hoof |
Nederboekt 22 (Huis) |
|
Akert 24 |
|
Maria Lambers van Hoof |
Akert 5 |
|
Eeusels 4 + 11 |
|
Antony Lambers van Hoof |
Vlotbeemd 10b |
|
Peter Lambers van Hoof |
Eeusels 5 |
|
Jan Lambers van Hoof |
Huigenbos 11 + 12 |
|
Henrick Theunis Henrick Lamberts |
|
Geluk 5 |
|
De kinderen van Peter Theunis Henrick Lamberts |
|
Appelenweert 2c |
Het oorspronkelijk uitgegeven perceel was - omgerekend volgens
de gebruikelijke norm - 396 roeden, ofwel bijna 1 bunder groot.
Deze uitgifte zal een (deel van) een of
meer van de percelen van het complex van heer Jan en David van de Velden
geweest zijn.
Voorlopig houden we het er op dat de cijns op het huis rustte (een
deel van Akert
nr. 24 en 25). Mogelijk werd dit huis gebouwd op een perceel gekocht
van de wildernis. Een
overweging is dat iets zuidelijker ook een perceel lag dat in
1190-1314 van de wildernis gekocht was (de Sonderlaet, of
Somerlaet), en waarvoor dus ook een cijns betaald werd aan de
heer van Helmomd. Zie hierna. De
Helmondcijnzen wijzen op dynamiek in dit gebied in de dertiende
eeuw. We hebben hier kennelijk te maken met een zone die tussen
de oude cultuurlanden en meer recente ontginningen lag.
Een
cijns aan Helmond uit perceel nr. 13:
Uit
perceel nr. 13 werd een cijns aan de heer van Helmond betaald
van 3 nieuwe obolen (of 1 1/2 nieuwe penningen). Het
oorspronkelijk uitgegeven perceel was 1 lopens (ofwel 1/8 bunder)
groot. Deze cijns is nooit opgesplitst en rustte vanaf 1406 voor
zover is te overzien altijd op dit perceel.
Een
cijns aan Helmond uit perceel nr. 15:
Volgens een akte uit 1821
werd uit perceel nr. 15 een cijns betaald aan de
heer van Helmond. Dit perceel was leengoed van de hertog van
Brabant. In de adminstratie van de heer van Helmond heeft deze
cijns nummer Hm-116 (oude nummering) en Hm-60 (nieuwe nummering).
De namen van de cijnsbetalers (vermeld vanaf 1406) komen overeen
met die uit de hertogelijke leenboeken.
In 1406 betaalt Petrus van Lancvelt
een cijns van 3 oude penningen aan de heer van Helmond uit het
erfgoed van wijlen Petrus van Keeldonc, genaamd Sonderloect. In
latere cijnsboeken is deze cijns omgerekend naar 10 penningen.
Het oorspronkelijk uitgegeven
perceel - omgerekend volgens de gebruikelijke norm, was 3 lopens
groot. Het oorspronkelijke uitgegeven perceel een nabijgelegen
ander deel van het leengoed, perceel nr. 19a, dat later nog
Sonderlaet heet en dat 3 lopens groot was. In de zeventiende
eeuw volgt de reeks eigenaren die van perceel 15 en niet die van
perceel nr. 19. |