|
Cijnzen aan
de heer van Helmond uit perceel nr. 4:
Vanaf 1190 betaalden lieden die een perceel van de
gemeenschappelijke grond voor eigen gebruik kochten daarvoor een
jaarlijkse cijns aan de landsheer. In 1314 gaf de hertog van
Brabant deze cijnzen (met uitzondering van de hoendercijnzen) aan
de Heer van Helmond. Cijnzen voor nieuwe uitgiften na 1314 inde de
hertog hierna weer zelf. Cijnzen aan Helmond werden dus betaald voor in
de periode 1190-1314 uitgegeven percelen.
Op perceel nr. 4 rustte in 1650 een cijns aan de heer
van Helmond van 5 stuivers. In de administratie van de heer van
Helmond vanaf de zestiende eeuw heeft deze cijns nummer Hm-196 (nieuw).
Deze cijns komt voort uit 4 oudere cijnzen met in de vijftiende
eeuw nummers Hm-67 (oud) tot en met Hm-70 (oud). De oudst
bekende
cijnsbetalers zijn:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-67 (oud)
11 ½ oude penningen uit het erfgoed van Johannes van der
Voert, eertijds van Johannes Donckers en 1 nieuwe obol
uit het erfgoed van de kinderen van Donckers
|
|
Woltherus, zoon van Arnoldus Donkers
|
Vermeld in 1406 en in 1421
|
|
De weduwe van Woltherus, zoon van Arnoldus Donkers
|
Vererving in 1421-1447 |
|
Johannes, zoon van wijlen Johannes van den Hove (de
Curia)
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447
|
|
De weduwe van Johannes, zoon van wijlen Johannes van den
Hove (de Curia)
|
Vererving in 1447-1465
|
|
De 6 kinderen van Margareta, dochter van wijlen
Arnoldus, zoon van Henricus
|
Verwerving in 1447-1465
|
|
Wilhelmus en Henricus, kinderen van wijlen Arnoldus,
zoon van Henricus van de Tillaer
|
Verwerving in 1447-1465
|
|
Johannes, zoon van Jacobus Gijsbertuss
|
Verwerving in 1465-1498
|
|
De weduwe van Johannes, zoon van Henricus van de Ryt met
haar 6 kinderen
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1498
|
|
Aleydis, dochter van Johannes, zoon van Henricus van de
Ryt
|
Verwerving in 1498-1507
|
|
Theodorus, zoon van Adrianus van der Horst
|
Verwerving ná 1507
|
|
Hm-68 (oud)
1 nieuwe obol uit een streep grond gelegen op het
erfgoed van Arnoldus Molners (Multoris)
|
|
Dezelfde namen van cijnsbetalers als Hm-67 (oud).
|
|
|
Hm-69 (oud) 2
oude penningen
|
|
Arnoldus, zoon van Johannes Donckers
|
Vermeld in 1406
|
|
Woltherus Donckers
|
Verwerving in 1415 |
|
Verder dezelfde namen van cijnsbetalers als Hm-67 (oud).
|
|
|
Hm-70 (oud)
10 ½ oude penningen uit het erfgoed eertijds van de
kinderen van Johannes Donckers
|
|
De 5 kinderen van Bathe, weduwe van Arnoldus, zoon van
Nezen
|
Vermeld in 1406
|
|
Egidius, zoon van Arnoldus Nesen
|
Verwerving in 1415, vermeld in 1421
|
|
Egidius, zoon van Gerardus Petruss
|
Verwerving in 1429
|
|
Johannes, zoon van Egidius, zoon van Gerardus Petruss
|
Verwerving in 1429-1447, vermeld in 1447 |
|
Wilhelmus, natuurlijke zoon van Henricus, zoon van
Wilhelmus
|
Verwerving in 1447-1465
|
|
De weduwe van Johannes, zoon van Henricus van de Ryt met
haar 6 kinderen
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1498
|
|
Aleydis, dochter van Johannes, zoon van Henricus van de
Ryt
|
Verwerving in 1498-1507
|
|
Theodorus, zoon van Adrianus van der Horst
|
Verwerving ná 1507
|
Het totale bedrag van deze cijnzen
was 24 oude penningen en 1 nieuwe penning. Omgerekend volgens de
gebruikelijke norm levert dat voor de oorspronkelijk uitgegeven
percelen een grootte van 3 bunder + 33 roeden op. In deze
reconstructie nemen we aan dat de oorspronkelijke percelen
behalve perceel nr. 4 ook het grootste deel van perceel nrs. 25
t/m 30 omvatte.
Perceel nr. 13:
Uit perceel nr. 13 werd in de
achttiende eeuw een cijns betaald aan de heer van Helmond (Hm-37
(nieuw) en Hm-44 (nieuw). Deze cijns komt voort uit Hm-74 (oud),
een cijns van 7 1/2 oude penningen en 4 nieuwe penningen die in
1451 in 7 delen verdeeld werd:
|
Oude nummering |
Nieuwe nummering |
Lokatie in 18de eeuw |
Cijnsbetaler in 1451
|
Cijnsbedrag |
|
Hm-74.a (oud) |
Hm-37 (nieuw)
|
Leest nr. 13
|
Elisabeth, weduwe van Arnoldus Houbraken |
1 oude penning |
|
Hm-74.b (oud) |
Hm-44 (nieuw) |
Leest nr. 13
|
De kinderen van Arnoldus, zoon van Wolterus Donckers |
1 oude penning en 1 ½ nieuwe penning |
|
Hm-74.c (oud) |
Hm-17 (nieuw) |
Leest 31+32
|
Lucas, zoon van Johannes van Eyck |
2 nieuwe penningen |
|
Hm-74.d (oud) |
Hm-59 (nieuw) |
Donk 25 |
Gerardus, zoon van Egidius
|
1 oude penning |
|
Hm-74.e (oud) |
Hm-40 (nieuw) |
Donk nr. 16 |
Henricus van Kilsdonck |
1 ½ oude penningen en 1 oude oort |
|
Hm-74.f (oud) |
Hm-135 (nieuw) |
Bruggen nr. 11 |
Johannes, zoon van Wolterus Donckers |
2 oude penningen |
|
Hm-75.2a |
Hm-17 (nieuw) |
Leest 31+32 |
Margareta, dochter van Wolterus Donckers |
½ nieuwe penning en 3 oude oort |
In deze reconstructie wordt
beredeneerd dat de cijns oorspronkelijk betrekking gehad kan
hebben op Bruggen, perceel nrs. 9-11.
Perceel nr. 17 en 18:
Ook uit perceel nrs. 17 en 18
werd in de achttiende eeuw een cijns betaald aan de heer van
Helmond. Deze cijns heeft nummer Hm-6 (nieuw) in de
administratie van de heer van Helmond vanaf de zestiende eeuw.
Deze cijns komt voort uit Hm-73 (oud), een cijns van 3 oude
penningen betaald voor een perceel van 3 lopens dat in 1190-1314
van de gemeenschappelijke gronden verkocht is. Er zijn geen
aanwijzingen dat de cijns na 1406 ooit verdeeld of verplaatst
is. De oudst bekende cijnsbetalers zijn:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-73 (oud) 3
oude penningen uit het erfgoed van de kinderen van
Katharina, dochter van Hilla
|
|
De kinderen van Katharina, dochter van Hilla
|
Vermeld vóór 1406 |
|
Arnoldus, zoon van Wilhelmus Bueskens
|
Vermeld in 1406 en in 1421
|
|
Katharina, dochter van Arnoldus, zoon van Wilhelmus
Bueskens
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447 |
|
De 3 kinderen van Katharina, dochter van Arnoldus, zoon
van Wilhelmus Bueskens
|
Verwerving in 1465-1498 |
|
Gerlacus, zoon van Gerlacus Knoyen
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1498 |
|
Katherina, weduwe van Gerlacus, zoon van Gerlacus Knoyen
|
Vererving in 1498-1507 |
|
De 3 kinderen van Gerlacus, zoon van Gerlacus Knoyen
|
Vererving ná 1507 |
|
Bregtholde, dochter van Gerlacus, zoon van Gerlacus
Knoyen
|
Vererving ná 1507 |
Perceel nr. 18:
Volgens
een akte uit 1773 werd toen een cijns uit perceel Donk nr. 18
betaald van 1 stuiver. De cijns bestond uit twee "texten" of
delen, die we in de administratie van de heer van Helmond vanaf
de zestiende eeuw aantreffen als nrs. Hm-50 (nieuw) en Hm-138 (nieuw).
Hm-50 (nieuw) hebben we hiervoor al besproken.
Hm-138 (nieuw) komt voort uit een
oudere cijns Hm-72 (oud). De cijns is niet gesplitst geweest. Er
zijn twee aanwijzingen dat deze cijns verplaatst is. In de
eerste plaats is uit de belendingen van de omschrijving van
cijns Hm-138 (nieuw) af te leiden dat de cijns toen op Leest nr.
20b rustte. In de tweede plaats wijken de namen van de
cijnsbetalers van Hm-72 (oud) af van de namen in bovenstaande
tabel, waarvoor we een onafhankelijke bevestiging vonden in het
rechterlijk archief van Veghel.
Het gaat om een
cijnsbedrag van in totaal 3 1/2 oude penningen. Omgerekend
volgens de gebruikelijke norm was het in 1190-1314 uitgegeven
oppervlak 3 1/2 lopens groot. We nemen daarom aan dat de cijns eerder op Leest nr.
20b en 21 rustte. Perceel nr. 21 was rond 1700 vermoedelijk in dezelfde handen als
Leest nr. 20b. De oudst bekende cijnsbetalers van
deze cijns zijn:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-72.1:
2 oude penningen uit het erfgoed van Elizabeth, dochter
van Godefridus van Weert
|
|
Elizabeth, dochter van Godefridus van Weert
|
Vermeld vóór 1406
|
|
Jucta, dochter van Elizabeth van der Heijden (de
Merica) en haar kinderen
|
Vermeld in 1406
|
|
Henricus, zoon van Wilhelmus Deenkens
|
Verwerving in 1406-1413
|
|
In 1413 wordt de cijns verdeeld.
|
|
|
Hm-72.1.1 (oud):
1 oude penning
|
|
|
Wilhelmus van Boerdonk
|
Verwerving in 1713, vermeld in 1421 |
|
Wautgerus, zoon van Theodorus van Espedonc
|
Verwerving in 1428
|
|
Hm-72.1.2 (oud):
1 oude penning
|
|
|
Henricus, zoon van Wilhelmus Deenkens
|
Vermeld in 1413
|
|
Wautgerus van Espedonc
|
Verwerving in 1430
|
|
Hm-72.1 (oud):
2 oude penningen
|
|
|
Wautgerus, zoon van Theodorus van Espedonc
|
Vermeld in 1430-1447
|
|
Margareta, dochter van Wilhelmus Coolen
|
Verwerving in 1430-1447, ermeld in 1447 |
|
Jacobus, zoon van wijlen Ghysbertus Johaness
|
Verwerving in 1447-1465 |
|
Leonardus, zoon van Jacobus, zoon van Gysbertus
|
Verwerving in 1465-1498
|
|
Leonius, zoon van Wilhelmus Zuermont
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1507 |
|
Arnoldus, zoon van Gerarduss Haubrakens
|
Verwerving na 1507
|
|
Elizabeth, weduwe van Arnoldus, zoon van Gerarduss
Haubrakens, met haar 5 kinderen
|
Verwerving na 1507
|
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-72.2:
1 ½ oude penningen uit het erfgoed van Elizabeth,
dochter van Godefridus van Weert
|
|
Elizabeth, dochter van Godefridus van Weert
|
Vermeld vóór 1406
|
|
Elizabeth, dochter van Godefridus van Weert
|
Vermeld vóór 1406
|
|
De weduwe van Gerardus die Friese van der Heijden (Frisonis
de Merica) met haar kinderen
|
Vermeld in 1406 en in 1421
|
|
Margareta, dochter van Wilhelmus Coolen
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447
|
|
Hierna dezelfde cijnsbetalers als Hm-72.1
|
|
Perceel nr. 22:
Uit perceel nrs. 17 en 18 werd in de
achttiende eeuw een cijns betaald aan de heer van Helmond. Deze
cijns heeft nummer Hm-120 (nieuw) in de administratie van de
heer van Helmond vanaf de zestiende eeuw. Deze cijns komt voort
uit Hm-17 (oud), een cijns van 6 nieuwe penningen betaald voor
een perceel van 4 lopens dat in 1190-1314 van de
gemeenschappelijke gronden verkocht is. Er zijn geen
aanwijzingen dat de cijns na 1406 ooit verdeeld of verplaatst
is. De oudst bekende cijnsbetalers zijn:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-17 (oud)
1406, fol. 103: 6 nieuwe penningen uit
het erfgoed van Heilwigis Maughen
1406, fol. 99v: 6 nieuwe penningen uit
het erfgoed genaamd Maughen Kempken
|
|
Heilwigis Maughen
|
Vermeld vóór 1406 |
|
De 5 kinderen van Bathe, weduwe van
Arnoldus, zoon van Nezen, als sterfelijk laat voor het
nieuwe altaar
|
Vermeld in 1406 |
|
Daniel Nesen
|
Verwerving in 1406-1421, vermeld in
1421 |
|
De weduwe van Daniel Nesen met haar 7
kinderen
|
Vererving in 1421-1447 |
|
De 6 kinderen van Daniel Nesen
|
Vererving in 1421-1447, vermeld in 1447 |
|
Wilhelmus Zuermont
|
Verwerving in 1447-1465 |
|
Johannes, zoon van Wilhelmus, zoon van
Aelbertus Zuermont
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in
1498 |
|
Petrus, zoon van Theodoricus Stocven
|
Verwerving in 1498-1507
|
Perceel nr. 25b + 29:
Uit perceel nrs. 25b + 29 werd
in de achttiende eeuw een cijns betaald aan de heer van Helmond.
Deze cijns heeft nummer Hm-206 (nieuw) in de administratie van
de heer van Helmond vanaf de zestiende eeuw. Deze cijns komt
voort uit Hm-77 (oud), een cijns van 1 nieuwe obol betaald voor
een perceel van 17 roeden dat in 1190-1314 van de
gemeenschappelijke gronden verkocht is. Er zijn geen
aanwijzingen dat de cijns na 1406 ooit verdeeld of verplaatst
is. De oudst bekende cijnsbetalers zijn:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-77 (oud):
1 nieuwe obol uit het erfgoed van de kinderen van
Johannes Donkers
|
|
De kinderen van Johannes Donkers
|
Vermeld vóór 1406 |
|
Agnes, dochter van Godefridus van Weert
|
Vermeld in 1406 |
|
Mechtildis, dochter van Wolterus van Hintham
|
Verwerving in 1406-1421, vermeld in 1421 |
|
Henricus, zoon van Wilhelmus Daniels
|
Verwerving in 1431, vermeld in 1447 |
|
Wilhelmus, natuurlijke zoon van Henricus zoon van
Wilhelmus Daniels
|
Vermeld in 1498 |
|
Henricus, zoon van Wilhelmus, natuurlijke zoon van
Henricus zoon van Wilhelmus Daniels
|
Vererving in 1498-1507 |
|
Philip de Leew, zoon van Theodoricus
|
Verwerving na 1507 |
|
De weduwe van Philip de Leew, zoon van Theodoricus met
haar 4 kinderen
|
Vererving na 1507 |
|
Arnoldus, zoon van Philip de Leew, zoon van Theodoricus
|
Verwerving na 1507 |
Perceel nr. 31 + 32:
Uit perceel nr. 13 werd in de
achttiende eeuw een cijns betaald aan de heer van Helmond (Hm-37
(nieuw) en Hm-44 (nieuw). Deze cijns komt voort uit Hm-74 (oud),
een cijns van 7 1/2 oude penningen en 4 nieuwe penningen die in
1451 in 7 delen verdeeld werd:
|
Oude nummering |
Nieuwe nummering |
Lokatie in 18de eeuw |
Cijnsbetaler in 1451
|
Cijnsbedrag |
|
Hm-74.a (oud) |
Hm-37 (nieuw)
|
Leest nr. 13
|
Elisabeth, weduwe van Arnoldus Houbraken |
1 oude penning |
|
Hm-74.b (oud) |
Hm-44 (nieuw) |
Leest nr. 13
|
De kinderen van Arnoldus, zoon van Wolterus Donckers |
1 oude penning en 1 ½ nieuwe penning |
|
Hm-74.c (oud) |
Hm-17 (nieuw) |
Leest 31+32
|
Lucas, zoon van Johannes van Eyck |
2 nieuwe penningen |
|
Hm-74.d (oud) |
Hm-59 (nieuw) |
Donk 25 |
Gerardus, zoon van Egidius
|
1 oude penning |
|
Hm-74.e (oud) |
Hm-40 (nieuw) |
Donk nr. 16 |
Henricus van Kilsdonck |
1 ½ oude penningen en 1 oude oort |
|
Hm-74.f (oud) |
Hm-135 (nieuw) |
Bruggen nr. 11 |
Johannes, zoon van Wolterus Donckers |
2 oude penningen |
|
Hm-75.2a |
Hm-17 (nieuw) |
Leest 31+32 |
Margareta, dochter van Wolterus Donckers |
½ nieuwe penning en 3 oude oort |
In deze reconstructie wordt
beredeneerd dat de cijns oorspronkelijk betrekking gehad kan
hebben op Bruggen, perceel nrs. 9-11. |