Schutsboom - toponiemen

Naam:

 

Blijk

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen signaleert deze veldnaam op meerdere plaatsen in Veghel.

 

Verklaring door Cornelissen:

 

De bleek was eigenlijk de plaats waar het linnen gebleekt werd. Bleek is thans nog een appelatief voor een achter het woonhuis gelegen graspleintje waar men al dan niet het

lijnwaad laat bleken.

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 29 en 30 grensden aan de “gemeentens Blijk”

Opmerkingen:

 

-

 

 

 

 

Naam:

 

Dijk naar Sint-Oedenrode

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Schutsboombroekje op den Rooisen Dijk [GVIIB26 (1796)]

 

den rooischendijk [N 91842, 1882)]; F591, 592 (w: 55.80), 628-630 (b en w: 1.18.60)

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Dit is de oud benaming voor de weg naar St. Oedenrode, ook de huidige Violenstraat behoorde daarbij, tevens enkele percelen aan de Rooisedijk gelegen. Benoeming naar de ligging.

 

Blijkbaar is een gedeelte van de Rooisedijk ooit verlegd, zodat een Nieuwe en een Oude Rooisedijk ontstonden. Welke gedeeltes de Nieuwe en Oude Rooisedijk werden genoemd is niet bekend. Benoeming naar het (vroege of recente) tijdstip van aanleg/ingebruikname.

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 11, 13, 15, 17, 20, 22-26 grensden aan de Dijk naar Sint-Oedenrode

Opmerkingen:

 

Een dijk werd aangelegd door een pad of steeg, die door laaggelegen drassig land liep, recht te trekken en op te hogen met het zand van aan weerszijden gegraven sloten.

 

 

 

 

Naam:

 

Aen het Hoogeinde

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Dictis die hoghe ynden ad putte [HH133-8 (1507)]

 

den gentenbrick Veghel aen de hoocheynden [BP1413-401 (1581)]

 

de hooch eijnden in den brugge [GVE15-159 (1624)]

 

van eenen 't rot de hoge eynde [GVIIB26 (1787)]

 

de hoogeinde [kado (1832)]; A 1141-1273.

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Als meervoud benaming voor gebied rond de tegenwoordige Hoofdstraat en H. Hartplein,

als enkelvoud voor een perceel op de Leinsekampen. Benoeming naar de hoge ligging "aan de uiteinden" van een bepaald gebied.

 

 

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

ex petia terre dicta die hogheeynde (Cijnsregisters Helmond, 1447)

 

De eind-namen zijn sterk verspreid in deze regio. Het mnl. ‘ende’ verwijst naar een grens, einde, uiteinde, rand, zoom of boord. Vele namen met -einde vindt men of aan het einde of als grens van een bepaald gebied. Op deze plaatsen werden slagbomen, draaibomen of hekken geplaatst.

 

In de Brabantse ZW-hoek komen in de nederzettingsnamen ook relatief veel einde-namen voor, nl. de grootste categorie na de berg- en straatnamen in dat gebied. In een later stadium wordt ‘eind’ veelal vervangen door hoek, kant en zijde.

 

Buiks & Leenders 1993 dl.1:35; Cornelissen e.a. 1987:103; Frenken 1948:103; Kakebeeke 1973:361; Verdam 1932:542.

 

Ligging:

 

Perceel nr. 19

Opmerkingen:

 

Aanduiding voor een groter gebied.

 

Het artikel van J. Timmers, “Over de Ynde” in Brabants heem (1985) 80-86, bespreekt dit toponiem. Een “Ynde” was een synoniem voor een “hecken”, een draaiboom of andersoortige hekconstructie bij invalswegen van de dorpen of gehuchten. De “inde” is de plaats waar men het dorp inkwam. Het kan ook een bijvorm zijn van “ende” of “einde”. Timmers: “In Veghel komt het toponym “De Hoog Eind” voor, aldus een artikel in het tijdschrift van de heemkundekring. De auteur ervan zet een vraagteken bij het lidwoord “de” en vraagt zich of of het eigenlijk niet “het” moet zijn. In de citaten komt echter consequent “de” voor. (Verwijzend naar: G.W. Wonders, “Molens in Veghel” in: Van Vehchele tot Veghel 4 (1984 1.)

 

 

 

 

Naam:

 

Aen de Leest

Vermeldingen door Cornelissen:

 

over de brugge aan de leest [Hs- (1539)]

 

over de brugge aan de leest [RAVI57-67v (1690)]

 

't rot de leest (dijk naar rode) [GVIIB26 (1787)]

 

de leest [kad. (1832)]; D 545-645, 648-708

 

de leest, op de leest [N (1871)]; D 642-647 (b en w: 18.45).

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Gebied, omsloten door de huidige weg de Leest, de Zuid- Willemsvaart en de Violenstraat- Rembrandtlaan (vroeger oude weg naar St.Oedenrode). Tegenwoordig is het toponiem in gebruik als benaming voor een wijk die ter plaatse gelegen is. Deze omvat echter ook nog

het gebied de Bruggen en een deel van de Zijtaartse beemden, terwijl het gedeelte van de

oude Leest tussen Violenstraat en Rembrandtlaan er buiten is komen te vallen.

 

Leest als kollektief van "lese" (De Bont -180). "Lese" 1) spoor, groeve, vore (Verwijs en Verdam 388).

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 1-6, 14, 16, 18-19, 28-20 lagen ‘Aen de Leest”

Opmerkingen:

 

Aanduiding voor een groter gebied.

 

 

 

 

Naam:

 

Over de Brug

Vermeldingen door Cornelissen:

 

-

Verklaring door Cornelissen:

 

-

Ligging:

 

Perceel nr. 30

Opmerkingen:

 

Aanduiding voor een groter gebied. Deze percelen lagen vanuit het centrum bij de kerk gezien aan de overkant van de brug over de Aa. Opvallend is de meervoudsvorm Bruggen. Een wat zuidelijker gelegen gebied op het Hoogeinde en leest lag “Tussen de Bruggen”. De tweede brug was daar de Vonder over de Aa, opgevolgd door de latere mestbrug.

 

 

 

 

Naam:

 

Putten

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen signaleert deze veldnaam op meerdere plaatsen in Veghel.

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Pejoratief voor een perceel slecht bouwland (M. Top. Overpelt, -91). Zavelput - of kuil (

M. Top. St. Huibrechts-Lille -159: leemput? (zie leemputten). Perceel waar een "waterput"

ligt. Of doelt put op de lagere ligging? (M. Top. St.Huibregts-Lille, -159).

 

Ligging:

 

Perceel nr. 27

Opmerkingen:

 

Deze putten was een vijver waarin vis gekweekt werd. In de bronnen wordt voor deze putten ook de aanduiding weijer en visvijver gebruikt.

 

 

 

 

Naam:

 

(Aen, bij, agter, over) de Schutsboom

Vermeldingen door Cornelissen:

 

110 Roeden gelegen aen de hoogeynde agter de schutsboom [Dom. 171-61v (1731-1756)]

 

huis, hof aen de schutsboom [RAVl00-87v (1733)]

 

eenen camp groesland houtwasch en geregtigheden gelegen alhier agter den schutsboom [RAV112-112v (1797)].

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Onbekende ligging aan de Hoogeinden, ongeveer ter hoogte van de voormalige brandweerkazerne. Benoeming naar de ligging bij een schutsboom (van een der traditionele Veghelse schuttersgilden St. Joris, St. Catharina, St. Antonius en St. Barbara, welke is heropgericht).

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 7, 9, 11, 13, 15, 17 lagen bij de Schutsboom

Opmerkingen:

 

Zie de kaart van 1825 voor de locatie van de schutsboom.  De schutsboom werd ook gebruikt voor de metingen bij de invoering van het kadaster kort voor 1832, en staat daarom ook getekend op de kadasterkaart van 1832 (aangegeven met de letter K.)

 

 

 

 

Naam:

 

(Op, aen) het Schutsbooms Broekje

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Schutsboombroekske over de brugge op de leest [RAV159-22v (1759)]

 

het schutsboomsbroekje [N (1838)]; D 586-588 (w: 47.50)

 

gelegen aan het schutboomsbroekje [N (1845)]; D 581 (b en w: 69.00)

 

plaats waar steenen-wind-koren-boekweit- en pelmolen stond ter plaatse genaemt schutsboomsbroekje aan de hoogeinde [N (1853)].

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Ligging op de Leest. Benoeming naar de ligging nabij de schutsboom.

Ligging:

 

Perceel nrs. 10, 12, 16, 18, 19, 20, 21-26

 

Opmerkingen:

 

Zie de kaart van 1825 voor de locatie van de schutsboom.

 

 

 

Naam:

 

Weijer

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen signaleert deze veldnaam op het Zondveld.

Verklaring door Cornelissen:

 

"Wijer, weier, visvijver" (M. Top. Valk. -265).

Ligging:

 

Perceel nr. 27

Opmerkingen:

 

Ook Putten en Visvijver genoemd

 

Afkortingen Cornelissen     Afkortingen Beijers-Van Bussel     Kaart van Veghel     Schutsboom