Steenkampen - toelichting op de uitgiften
Perceel nrs. 20-22 zijn in 1792 samen 24 lopens en 10 roeden groot. Deze percelen worden op de kadaterkaart van 1832 grotendeels omgeven door hakhout. De kaarsrechte buitengrenzen van dit hakhout, vergeleken met de wat kronkelige binnengrenzen aan de noord- en oostkant wekken de indruk dat de strook hakhout een recente, achttiende eeuwse uitgifte is. Dit wordt bevestigd door omschrijvingen van het goed uit 1736 en 1738: toen was het goed ongeveer 8 tot 10 lopens groot. Dergelijke omschrijvingen zijn vaak niet nauwkeurig, maar het verschil met de 24 lopens en 10 roeden uit 1792 is zo groot, dat er iets meer aan de hand moet zijn dan een onnauwkeurige omschrijving. In deze reconstructie dateren we de uitgifte van de buitenstrook op 1738-1792. In de archieven is deze aankoop van de gemeente tot dusver nog niet aangetroffen. De archieven van 1738-1792 zijn wat dat betreft overigens ook nog niet systematisch doorzocht.

Een later gevonden regest gemaakt door Henk Beijers van een aantekening in het archief van de Raad en Rentmeester Generaal der Domeinen maakte duidelijk wat er aan de hand was. Bericht van 28 juli 1743 aan de Raad van Rentmeester van de domeinen van de regenten van Veghel met een verklaring dat de Heer Gerard de Jong secretaris in het bezit is van een stuk land vanouds genaamd den Steencamp liggende rondom in de gemeijnt of vroente van Veghel en dat hij met zijn potingen delen van de gemeijnt heeft geïncorporeerd en wel 400 tot 500 voeten, wat tegen het pootreglement is. Bovendien heeft hij het geheel afgesloten met een wal, sloot en slagboom, tot nadeel van de ingezetenen. Men wil dat de raad en rentmeester stappen onderneemt om de vroente ter plaatse weer open en vrij te maken. Ik neem aan dat Gerardus de Jong hiena voor deze aanliggende strook betaald heeft.

In 1657 en 1665 werd ongeveer een halve bunder aan dit goed toegevoegd. De oudst gevonden gegevens omtrent dit goed komt tot dusver uit het verpondingboek van 1657 en luidt: “huys, hoff, boomgaert ende d' lant, groot 5 lopens”. Het goed was voor deze twee uitgiften belast met een cijns aan de hertog van Brabant. Verder was het goed niet belast met andere cijnzen aan de hertog van Brabant of de heer van Helmond. We nemen aan dat de oudste kern van dit goed van 1190-1314 dateert, dat is uit dezelfde periode als nabijgelegen de Lage Biezen en Boschkamp. Mogelijk verhuisde de cijns aan de heer van Helmond betaald voor deze uitgifte later naar het gebied van de Lage Biezen.

De hoogtekaart uit 1965 laat zien dat dit al vroeg ontgonnen perceel aanmerkelijk hoger lag dan de directe omgeving. Die hogere en drogere ligging verklaart de vroege ingebruikname als cultuurland.

 

 

 

 

 

 



 

Kaart van Veghel     Steenkampen