|
Naam:
|
Agterste Putten |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Een
gedeelte in een cluijt of moerven en heijde gelegen opt
zontvelt genaemt de agterste putte, groot ontr. lh 1.
[RAVllO-218 (1792)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging op Zondveld onder Zijtaart. Benoeming
naar de ligging. |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 15 |
|
Opmerkingen:
|
De putten waren natuurlijke vennen. |
|
Naam:
|
in den Akker |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze veldnaam op verschillende
plaatsen in Veghel.
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Akker betekende oorspronkelijk het gemeenschappelijke (cfr.
gemene akker) landbouwland bij een nederzetting. Jonger
is akker in de betekenis van “een perceel bouwland (uit
deze complexen)”, vrijwel altijd in de vorm “bepalend
bestanddeel + akker”, waarbij het eerste lid wijst op
bezit, ligging, vorm, teelt, enz.
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
De oudste vermelding van ‘akker’ komt voor in het
Fragmentum Bladiniense uit de 9e eeuw. Akker wordt
geïnterpreteerd als: bouwland behorend bij de
dorpsgemeenschap. Deze omschrijving slaat op de bekende
dorpsakkers c.q. gehuchtakkers. Ook is gedacht aan de
betekenis van ‘het omheinde veld’. Er wordt een verband
verondersteld tussen frequentie van akkernamen en
bevolkingsdichtheid in het oude Toxandrië. Volgens
Molemans zouden akkernamen het meest voorkomen op de
oevers van de Weerijs met de zijbeken en langs de
Dommel. In de zuidelijke Belgische Kempen ontbreken ze,
maar ze worden wel aangetroffen in Belgisch Limburg. Het
dichtstbevolkte deel van Toxandrië zou het
noordoostelijk deel van de provincie Antwerpen en het
aansluitend Nederlands territorium omvat hebben
.
In de Baronie schijnen dorpsakkers en daarmee ook
nederzettingen frequent te liggen langs Weerijs en Mark.
Akker, kouter en es dekken aanvankelijk hetzelfde
begrip, nl. het gemeenschappelijk ingesloten bouwland
van een bevolkingsgroep.
In het oosten van Nederland kunnen twee hoofdgroepen in
de bebouwingswijze onderscheiden worden, nl.: grote
aaneengesloten akkercomplexen en kleine met bomen en
akkermaalshout omgeven stukken akkerland in de vorm van
‘kampen’. Binnen de dorpsakkers waren geen heggen of
wallen. De scheiding tussen de percelen moest met
ploegvoren, scheikeien of bomen worden aangegeven. In
Belgische toponymische studies over het zuiden van het
oude hertogdom Brabant wordt regelmatig gesteld dat rond
het gebruik van de dorpsakkers in de zgn.
dorpskeurboeken regels waren opgesteld.
Akkernamen komen in de cijnskring Helmond frequent
voor, zowel met voor- als achtervoegsels, met persoons-,
flora- en faunanamen [redactie].
(Helsen 1952:127; Lindemans 1940-1954 dl.3;
Gijsseling 1978, Buiks 1990:47; Helsen & Helsen 1978; De
Vries 1958; Molemans 1977; Slicher van Bath 1944:2;
Buiks 1983 dl.2:28)
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 24, 25, 32, 44. Had betrekking op een
groter gebied, ook Grooten Akker en Hoogakker genoemd. |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Ariens Acker |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Ariensakker (sontvelt) [RV37-18v (1594)]
van
den ariensecker toebehorende meriken wed. jan ariens van
helvoirt int geheel [GVEI5-129 (1624)]
peter teunis ariensacker (dorhoudt) [GVE2-194 (1702)]
op
creijtenborg ariensacker [GVEI2-284 (1777)]
een
perceel teulland, groes, houtgewas en geregtigheden
gelegen op den biezen genaamt
ariensakker, (3.38) (op het maatboek van Veghel nr.
3640) [N (1817)]
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
-
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 30 |
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar een eigenaar. |
|
Naam:
|
Beemtje |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze veldnaam op verschillende
plaatsen in Veghel.
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Beemd was en is nog steeds de gangbare naam voor
hooiland. (MM.)
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 43, 44 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Bos, in den Bossen |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
½
Landt 't Bosch (zontvelt) [GVE12-282 (1777)]
2
groesveltjens aldaer den hogen dries en 'tbos [GVE12-284
(1778)]
het
bosch, de bossen, bos [N. (1847,1864,1883)]; [V.] A 869
(he: 16.94.00), C 325, 328, 329 (b: 1.08.50; de: 49.50),
332 (bh: 1.00.10), E 655 (bos: 76.70),785 (b en w:
56.10), 1062 (w: 23.40), 1378-1384 (w: 1.16.90),
1381-1385 (b en w: 1.4.60).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Naar
de ligging in een bosgebied (MM.). Toponym dat herinnert
aan de oorspronkelijke
bosbouw (Hs-).
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 36-38, 42 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Donkershof |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Donkerhoff, zontvelt [RAV-162v. (1752)]
quaat huis opt zontvelt van outs genaamt doncquershof
[RAV105-267v (1767)]
een
partije teull. en eanten en drie groesveltjes aan
malkanderen gelegen (hebbende voor dese een huijs
gestaan) genaamt donkershoff, op't zontvelt ontr. 41.
[RAV112-261v (1800)]; donkershof [V.]; E 1367 (b:
79.40).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Liggend op het Zondveld.
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 12 |
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar een eigenaar.
|
|
Naam:
|
Dwarsveldtjens, Dwarsstuckens |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Huys
dries hof en dwarsstukjens (Zontvelt) [GVE12-279 (1777)]
landt in dwars stuk aldaer (Ven) [GVE12-21 (1778)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging op het Ven en op (het) Zondveld.
Benoeming naar de ligging dwars op
ander(e) perce(e)l(en).
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 20 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Elsacker |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Elsakker in davelaar [Hs- (1530)]
den
elssecker [GVEI5-123 (1624)]
landt den elsacker aen de dijk [GVEI2-134 (1778)]
de
elsakker op het Zontveld [N (1848)]; E 1368 (b: 80.70).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Verspreide ligging. Perceel afgezoomd met elzenstruiken
(Top. St.Huibr.Lille, -132).
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 39
|
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
in Jecschot |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Et a
doernken usque jexschot et de jexschot pro ut limites
[GVI1 (1310)];
de
groote weghoeve by jecschot [Hs- (1564)];
een
hoeve in jecschot [GSO-262 (1617)];
de
heerlykheyt jeckschot [Mrv92-73 (1768)];
jekschot [kad. (1832)]; E 1422-1456;
heerlijkheid jekschot, bestaande is zes bouwhoeven,
weiland, mast en schaarhoutbossen, bosgrond en heide [N
(1893)]; E 1408-1416 (b: 7.90.40; w: 12.20; hu: 07.00;
bakhu: 00.32; tu: 03.36), 1417-1420, 1422-1439,
1441-1456 (b: 48.70; hu: 11.70; tu: 08.80); jeksend (jekschot)
[V.-]; E 1422-1439, 1441-1456.
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Gebied liggende ten zuiden van het Zondveld onder
Zijtaart, in vroeger tijden de Heerlijkheid Jekschot.
Het eerste lid is mogelijk ontstaan uit laak, lacob (M.Top.Overpelt,
-182, de laak). Het tweede lid: scho(o)t, beboste hoek
zandgrond, uitspringend in een moerassig terrein (M.Top.
Valk. -110). lekschot behoort tot de hoogst gelegen
gebieden van Veghel en ligt niet ver van lage terreinen
als het Laars op het aangrenzende grondgebied van
St.Oedenrode.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 43-45
|
|
Opmerkingen:
|
Het eerste lid Jek- is mogelijk een vorm van Eik.
|
|
Naam:
|
Grooten Acker |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
-
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
-
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 35. Had betrekking op een groter gebied, ook
Akker en Hoogakker genoemd |
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar de omvang.
|
|
Naam:
|
Holenbeemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
-
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Hool
is een gesubstantiveerd adjectief "hol, gat", een
uitgehold terrein (M.Top. St.Huibr.Lille, 143). |
|
Ligging:
|
Deel van perceel nrs. 43-45
|
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Hoogenacker |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze veldnaam op meerdere
plaatsen in Veghel.
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Hoog:
Gesubstantiveerd adjectief, benoeming naar de hoge
ligging.
Akker betekende oorspronkelijk het gemeenschappelijke
(cfr. gemene akker) landbouwland bij een nederzetting.
Jonger is akker in de betekenis van “een perceel
bouwland (uit deze complexen)”, vrijwel altijd in de
vorm “bepalend bestanddeel + akker”, waarbij het eerste
lid wijst op bezit, ligging, vorm, teelt, enz.
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 19. Had betrekking op een groter gebied, ook
Akker en Grooten Akker genoemd.
|
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
opt Hoogh Sontvelt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Huijs, hoff, schuer, boomgaert en aangelegen landerijen
gelegen tot vechel opt hooch sontvelt [N (1658)]; hoogh
sontvelt [Ms-]
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging op het Zondveld onder Zijtaart.
Benoeming naar de hoge ligging.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 2, 20, 28 |
|
Opmerkingen:
|
Volgens de
hoogtekaart van 1965 lag het gebied van Hoog
Zondveld enkele deceimeters tot een halve meter hoger
dan dat van laag Zondveld. De grens tussen Hoog- en laag
Zondveld werd vermoedelijk gevormd door
Zondveld Laag, perceel nr. 37. Voor de tienden was
Hoog Zondveld verdeeld in twee tiendklampen, die Hoog en
Middel Zondveld werden genoemd. Zie
de toelichting
bij Zondveld Laag.
|
|
Naam:
|
de Kat |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Een
huijsinge, hof, boomgaart en aengelegen teullandt groese
houtwasch voorpotinge en geregtigheden gelegen op
Zontvelt van outs genaemt de Kat, groot ontr. 7 1.
[RAV109-213 (1786)]
de
kat [N (1835, 1836)]; E 671 (hu: 1.06), 1319-1321 (b en
w, hu, erf: 1.00.30).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Ligging op de grens van het Zondveld en de Leinsedel
onder Zijtaart, benaming voor twee tegenover elkaar
liggende huizen en enkele percelen land aan een
driesprong Zondveldstraat- Leinserondweg. Mogelijk
benoeming naar persoonsnaam vgl. Cornelis Hendrikus de
Kat 1916 (Kl.Bev. V.).
(M.
Top. Overpelt -188) (Kattenberg): "Kat" heeft hier
blijkbaar een pejoratieve betekenis voor iets
minderwaardigs vgl. in deze zin Bach (1953 & 342): "Hund
und Kätze können als Bestimmungswort die Kleinheit ader
Verächtlichkeit des im Grundwort genannten Begriffs
bezeichnen und brauchen mit dem betreft. Tier
unmittelbar nichts zu tun ZU haben".
(M.
Top. Overpelt -188) (Kattestraat): Gysseling (1954),
Moerman (1956) en Tavenier Vereecken (1968) sluiten de
mogelijkheid kat: dier helemaal niet uit. Moeilijk te
achterhalen is of het bijgeloof eventueel een rol
gespeeld heeft bij het ontstaan van zulke straatnamen (zie
Zwarte Kat).
Denkbaar lijkt ook de benoeming naar de bijnaam van een
bewoner/bezitter van de betreffende percelen. (M. Top.
Overpelt) (Kattestraat)
Volgens Lindemans (1952a: 136137), eveneens in HCTD
1932: 71-84 en in Med. 1954: 88-89 - is (kat(te) een
wisselvorm van kade (cfr. mat = made, rot = rode) en
betekent "aarden opworp". Een kattestraat is dan een weg
(meestal een zijstraat bij een agglomeratie) die
opgehoogd werd en bevestigd op houten balen, met elkaar
verbonden door rijshout. De hoge ligging van de
betreffende percelen maakt deze verklaring hier weinig
aannemelijk.
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 29 |
|
Opmerkingen:
|
Kat lijkt me het best verklaarbaar als een variant van
Kade. Het hoogteverschil tussen het huiserf en de grond
aan de overkant van de weg was ter plekke erg groot,
onmgeveer een meter. Zie hierboven de hoogtekaart van
1965.
|
|
Naam:
|
Claes Meeussen Bos |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
-
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
-
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 38 |
|
Opmerkingen:
|
Vlaes Meeussen bezat dit bos in 1657.
|
|
Naam:
|
Corte Stucken |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
De
eorte stucken [GVE12-13 (1778)]
de
korte stukken [N (1842, 1861, 1862, 1871, 1875, 1880),
V.-]; B 17 (b: 26.40), C 160 (b: 42.70), D 756 (b:
86.00), E 1300 (b: 82.80), 1301 (b: 39.50), F 955 (b:
45.80), 1122 (b: 84.70).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Verspreide ligging. Benoeming naar de vorm.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 21-23 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Cromstuck |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Land
dat cromstuck int Davelaar [Hs- (1519-1538)]
sijn
crom stucxken op de boekt neffen de voetpat [GVEI5-140
(1624)]
cromstuck int dorshout [GVEI2-187 (1778)];
het
kromstuk [N (1861, 1871)]; B 132-135 (b: 45.60; hu:
01.57), E 783, 784 (b en w: 54.20); de kromme stukken op
de hoge akkers [N (1871)]; B 130 (b: 49.10);
de
kromstukken [V.-]; B 29 (b: 1.47.90).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Verspreide ligging. Benoeming naar de vorm. |
|
Ligging:
|
Perceel nr.18 |
|
Opmerkingen:
|
Inderdaad was dit een krom perceel.
|
|
Naam:
|
Nieuland |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Land
dat nuweland op sontvelt [Hs- (1519-1538)]
d'nieuwt lant int eussel [GVEI5-6 (1624)]
't
nieu lant in de haag (havelt) [GVE2-149 (1702)]
landt op middegael 't nieuwlandt [GVEI2-21 (1778)]
het
nieuwland [N (1837, 1847, 1848, 1861, 1862, 1874)]; A
354 (b: 69.90), 939 (b en w: 78.30), D 836 (b: 44.00), E
1375 (b: 48.00), 1376, 1377 (b en w: 1.10 .40), F 288
(b: 67.60); het neiland in de Grootdonk [N (1886)]; F
287 (b: 43.20)
't
nieuw land [V.-]; E 1283 (w: 21.60).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Verspreide ligging. Benoeming naar het (recente)
tijdstip van ontginning / ingebruikname. |
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 40b 41 |
|
Opmerkingen:
|
Vermoedelijk verwijst de naam Nieuland naare recente
ontginning en niet naar een recente uitgifte.
|
|
Naam:
|
Opper |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Een
groesveld geleegen te vechel op het zondveld, genaamd
den opper [N (1821)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging op het Zondveld onder Zijtaart.
Benoeming naar een persoonsnaam vgl. Wilm Roelof Opper,
1788 (Kl.Bev. V.).
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 45. Perceel nr. 43 grensde aan Den Opper |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Paal |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Beker den pael op sontvelt in die heerlieheyt van
jecschot [Hs- (1519-1538)]
de
paal (pael) tussen 2 bruggen [RAVI59-165v (1753)]
de
paal [N (1834, 1862), V.-]; E 1190 (w: 75.70), 1284 (w:
12.30), 1394 (b: 31.90), 1396 (b: 90.30); de paal [N
(1893)]
de
paol [V.-]; F 893 (b: 21.30).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Verscheidene percelen, liggende op het Zondveld onder
Zijtaart, tevens een perceel op de Kuilen onder Eerde.
Benoeming naar een grenspaal waarvan de naam op het
perceel is overgegaan (M. Top. Overpelt, -283)
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 1 |
|
Opmerkingen:
|
Zie de kaart met toponiemen voor de lokalisering van de
betreffende paal.
|
|
Naam:
|
Paelbeemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Den
paelbeemt parochie vechel in die heerlicheyt van
jecschot [Hs- (1538)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging in Jekschot onder Zijtaart. |
|
Ligging:
|
Deel van perceel nrs. 43-45
|
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar een grenspaal. Zie de kaart met toponiemen
voor de lokalisering van de betreffende paal.
|
|
Naam:
|
Putten
|
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze veldnaam alleen in de buurt
van de huidige NCB-laan. |
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Het
is niet duidelijk van welk soort "putten" hier sprake
kan zijn geweest; het
gebied is tegenwoordig vrijwel geheel bebouwd; misschien
ging het om "leemputten",
leem
wordt in de Veghelse bodem wel aangetroffen. Of bestond
het hele gebied uit weinig
bruikbare grond?
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 3-9, deel van mr. 10 en 14-17 |
|
Opmerkingen:
|
De putten waren natuurlijke vennen. |
|
Naam:
|
Scherpenhoek |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze veldnaam alleen op het
Dorshout. |
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Benoeming naar de vorm; een langwerpig driehoek-vormig
perceel. |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 13 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Schulderslant |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
In
schulderslant [GVE2-271 (1702)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging. Het eerste lid kan de genitief zijn
van een persoonsnaam Schulder, ook van "schulder" in de
betekenis van 1) schuldenaar, 2) schuldeiser (Verwijs en
Verdam -801).
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 32a |
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar een eigenaar. |
|
Naam:
|
Schulder kinders lant |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
-
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
-
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 22 |
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar vormalige eigenaars |
|
Naam:
|
Schuuracker |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Genoemt de schuuracker aldaer (in d'eerde) [G0126-6
(1545)]
een
stuck landts den schuijracker [GSO-262 (1617)]
gelegen onder vechel ter plaatse genaemt op d'lijnt
genaemt den schueracker [RG169-17 (1646)]
schuurakker scheiding met lieshout [GVIIE13 (1792)]
op
het zontvelt genaamd den schuurakker [N (1818)]; de
schuurakker [V.-]; E 1347-1348 (b: 1.03.30; og: 27.30).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Ligging op het Zondveld onder Zijtaart, tevens onbekende
ligging onder Eerde. Bij gebouwen (openbare)
inrichtingen e.d. (veld)schuur (Top. van Neerpelt,
-227).
Benoeming naar de ligging bij een veldschuur (Top. van
Valk. -232).
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 2 |
|
Opmerkingen:
|
In 1722 stond er een schuur op dit perceel (VP-1722,
fol. 590) |
|
Naam:
|
Sontvelt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
SoffeIt, sontvelt [Mv-1954 (1300)]; zontevelt [GVIE2
(1361)]; sontfelt [Hs- (1380-1385)];
huis,
plaats, hof en erf gelegen in Veghel ter plaatse genaemt
op zontvelt, tussen het erf
van
Theodoricus van zontvelt [GZG-603 (1424)];
zontvelt [GVE2-39 (± 1500)];
op
sondtveldt [HHI47-30 (1621-1691)];
de
hopstreep op zontveldeke [RAV160-26v (1762)];
't
zontveltje [GVEI2-40 (1778)];
het
zondveld [kad. (1832)]; E 1078-1364, 1366-1421;
het
zontveld [N (1852)]; E 46, 214-216, 252, 267-269, 851,
1053-1074, 1395, F 593, 594,609-612, 1190 (bouwhoeve
etc.: 17.40.87).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Oude
buurtschap liggende onder Zijtaart. "Zond" afgeleid van
"sonder, zuid" (zie zonderlaak) ? Van "sonde" mnl. vorm
van "zon"? (Verwijs en Verdam, -1539); een verband met
de plaats Son is misschien ver gezocht, hoewel niet ver
westelijk van het Zondveld van ouds een weg liep van
Veghel naar Son; ook de spellingvariant Soensvel zou een
indicatie in deze richting kunnen vormen. Afgeleid van
de persoonsnaam v. Son?
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 1-13, 15-45 |
|
Opmerkingen:
|
De naam Zondveld is nog niet verklaard. Er zijn
jongere afwijkende vormen van de naam die we niet voor
een verklaring van de naam mogen gebruiken, omdat ze
slechts enkele keren genoemd worden en van recente datum
zijn. Zo is Sonsvelt een verbastering, net als de
Sonse bunders een verbastering is van
Sontveltse buenderen. Een andere verbastering is
Zompvelt. De oudste vorm Sontvelt (1311),
wijkt nauwelijks af van het tegenwoordige Zondveld, in
de volksmond verkort tot Soffelt. Zondveld
is geen verbastering van Zandveld, wat dat zou in
de volksmond Zaandveld worden en vervolgens
Zoavelt, net zoals Haanvelt nu Hoavelt
heet. Een andere verklaring in de literatuur is
afge-zond-erd veld, maar hoe dat woord naar
Zondveld zou kunnen evolueren wordt niet toegelicht.
|
|